Press
Maak het voor pensioenfondsen aantrekkelijk te investeren in infrastructuur

Maak het voor pensioenfondsen aantrekkelijk te investeren in infrastructuur

Nederlandse institutionele beleggers kunnen een rol spelen nu overheid krap zit ‘Maak het voor pensioenfondsen aantrekkelijk te investeren in infrastructuur’. Investeringen in Europese infrastructuur kunnen voor institutionele beleggers als pensioenfondsen een aantrekkelijk alternatief zijn nu staatsobligaties steeds minder rendement opleveren. Voorwaarde is wel dat de EU het Europese Fonds voor Strategische Investeringen (EFSI) inbedt in een helder investeringsmodel voor infrastructuur. Beleggers mijden dergelijke projecten nu omdat ze te complex zijn en de risico’s te hoog voor het rendement dat ze kunnen opleveren.

Munich, 19 maart 2015

Dat schrijven Roland Berger en United Europe in het discussiestuk "Squaring the circle – improving European infrastructure financing". Het adviesbureau en de zakelijke denktank analyseren daarin waarom institutionele beleggers beperkt investeren in infrastructuurprojecten en welke maatregelen het EFSI tot een efficiënte hefboom zouden maken.

De economische crisis heeft ertoe geleid dat de 28 EU-lidstaten tussen 2010 en 2013 11 procent minder hebben geïnvesteerd in infrastructuur. Volgens het World Economic Forum raakt Europa op dat gebied achterop bij Aziatische landen als Singapore, Japan of Taiwan. Tegelijkertijd is op de Europese kapitaalmarkten een historische hoeveelheid geld in omloop. De EU wil het EFSI daarom gebruiken om beleggers te lokken door de risico’s voor private beleggers te verminderen.

Ook voor de Nederlandse pensioen- en verzekeringssector, met een vermogen van 1.200 euro de derde grootste uit het eurogebied, kunnen investeringen in infrastructuurprojecten aantrekkelijk zijn. De rendementen van de institutionele beleggers staan sinds de economische crisis onder druk. Door de strengere regelgeving beleggen ze steeds meer in veiliger staatsobligaties, die door de toegenomen vraag steeds minder opleveren. Nu de Europese Centrale Bank de geldpers heeft aangezet, is de rente daarop nog verder gezakt.

De beleggers staan dus onder druk om alternatieven te vinden. ‘Investeringen in infrastructuur leveren, na een beginperiode met relatief hoog risico, een langdurig en stabiel rendement op’, aldus Mark de Jonge, partner van Roland Berger in Amsterdam. ‘Naar zulke rendementen waren de Nederlandse pensioenfondsen ook al op zoek toen ze pogingen deden te investeren in hypotheken.’

Het is de bedoeling dat de EFSI-pot van 21 miljard euro zo als hefboom werkt en vijftien keer zoveel investeringen oplevert. De Europese Commissie en de EU-lidstaten hebben al een lijst van tweeduizend infrastructuurprojecten die interessant zouden zijn voor private investeerders. In Nederland overlegt de overheid met de provincies, de Bank voor Nederlandse Gemeenten, de Waterschapsbank en de Nederlandse Investeringsinstelling om te bepalen welke projecten in aanmerking komen voor financiering via het EFSI.

Roland Berger juicht de komst van het EFSI toe, maar waarschuwt dat het fonds weinig invloed heeft op de belemmeringen die de institutionele beleggers weghouden van infrastructuurprojecten. Ten eerste hebben die projecten vaak een verkeerde verhouding tussen de risico’s en de mogelijke opbrengsten. Daarnaast zijn de EU-regels voor infrastructuurinvesteringen te complex en veranderen ze regelmatig. De Jonge: ‘Als de regels veranderen, kunnen aantrekkelijke investeringen ineens een nachtmerrie blijken.’

Een andere belemmering komt voort uit de strengere vermogens- en liquiditeitsvereisten van de richtlijnen ‘Basel III’ en ‘Solvency II’, die een reactie waren op de crisis. Investeringen in infrastructuurprojecten zijn door de kapitaalvereisten vaak niet mogelijk voor de institutionele beleggers. Tot slot beschikken de beleggers vaak niet over de expertise die nodig is om investeringen in infrastructuur te kunnen beoordelen.

Roland Berger en United Europe dringen er daarom bij de EU op aan het EFSI onderdeel te laten worden van een groter, Europees investeringsmodel voor infrastructuur. Door afspraken te maken over het ontkoppelen van projecten en nationale regelgeving, contracten te standaardiseren, risicoprofielen te maken die bij verschillende investeerders passen en infrastructuurprojecten transparanter te maken, zou er een markt voor ‘kant-en-klare’ investeringen kunnen ontstaan.

‘Als we kapitaal willen mobiliseren voor belangrijke infrastructuurprojecten, moeten de publieke en de private sector een aanpak vinden die voor beide aantrekkelijk is’, zegt De Jonge. ‘De beleggers moeten accepteren dat hun rendement overeenkomt met de omstandigheden in de markt. En de overheden moeten bereid zijn de controle deels uit handen te geven en de risico’s voor beleggers verlagen, zodat die bereid zijn dat lagere rendement te accepteren.’

Study

Squaring the circle - improving European infrastructure financing

{[downloads[language].preview]}

Public sector investment in European infrastructure has been falling for years in the wake of the sovereign debt crisis.

Published februari 2015. Available in
Contact us